Politieke benoemingen verzieken Belgisch overheidsapparaat

Politieke benoemingen verzieken Belgisch overheidsapparaat

Niet kennis of ervaring doorslaggevend bij benoeming ambtenaren, wel politieke strekking

België heeft het hoogste aantal ambtenaren in de EU, die dan ook nog eens de duurste zijn. Na hun carrière wacht hun nog een mooi wettelijk pensioen, dat over het algemeen veel hoger is dan in de privésector. Met vier ambtenaren per 100 inwoners heeft België een ruime voorsprong op Duitsland (3,2), Frankrijk (3,6) en Nederland (2,9). Ook het EU-gemiddelde van 3,3 ligt een pak lager. Vandaag worden ruim twee miljoen Belgen — bijna 42 procent van de actieve bevolking — betaald door de overheid. Het personeel van ‘autonome’ overheidsbedrijven als de NMBS en Infrabel, die zonder overheidsgeld niet kunnen overleven, niet eens meegeteld.

Als het aantal ambtenaren zou terugvallen tot dat van de buurlanden, zouden veel financiële middelen kunnen vrijkomen. Wallonië is goed voorzien: Met maar 32 procent van de bevolking levert het wel 37 procent van de federale ambtenaren. Dat is een oververtegenwoordiging van bijna 5 procent. 54 procent van de ambtenaren is afkomstig uit Vlaanderen, terwijl de Vlamingen bijna 58 procent van de Belgische bevolking vertegenwoordigen. Als het aantal ambtenaren zou terugvallen tot dat van de buurlanden, zouden veel financiële middelen kunnen vrijkomen. Bovendien willen ze allemaal hun functie rechtvaardigen. In plaats van te helpen, belemmeren ze echter in veel gevallen de gang van zaken. Te veel ambtenaren is niet goed. Ze lopen elkaar maar voor de voeten.

Belgisch probleem

Bij de bezetting van kaderfuncties in de overheidssector speelt de particratie een grote rol. Het is immers belangrijker voor een politieke partij iemand van haar kleur op een post te krijgen, dan iemand die bekwaam is. Vooral Didier Reynders (MR) slaagde erin zijn pionnen op sleutelposities te plaatsen. We krijgen zo een sterk politiek gekleurde leiding van het overheidsapparaat.

De Vlamingen worden op federaal vlak benadeeld

De Vlamingen worden op federaal vlak benadeeld. Dezelfde paritaire samenstelling die we van de federale regering kennen, zien we terug bij de topbenoemingen. Ondanks het feit dat de Vlamingen bijna 60% van de bevolking vertegenwoordigen, komen ze maar in aanmerking voor 50%.

De politiek benoemde zit daarenboven op een troon en is praktisch onaantastbaar. Wanneer hij onrechtvaardig handelt tegenover een ondergeschikte werknemer, kan deze via een interne procedure klacht neerleggen en de tussenkomst vragen van de preventieadviseur psychosociale aspecten. Dit gebeurt echter heel weinig. De werkrelatie met de overste wordt er immers onmiddellijk onwerkbaar door. Wanneer die werknemer (of ambtenaar) de overheid verlaten heeft, is deze procedure niet meer mogelijk. Men kan dan enkel nog zijn toevlucht nemen tot de arbeidsrechtbank, wat veel kost en lang kan duren.

Ook Vlaanderen blijft niet buiten spel

Vlaanderen telt wel relatief minder dan ambtenaren dan Wallonië, toch loopt het ook hier niet vlot. Dat zagen we ook tijdens de coronacrisis. De cel contactopsporingen van besmette personen vertoont na twee maanden nog altijd veel gebreken en kinderziektes. En dit is een Vlaamse verantwoordelijkheid. De oorzaak hiervan is een gebrek aan doortastende leiders. Maar ook op andere domeinen loop het stroef. De business processes zouden veel efficiënter kunnen verlopen.

De moeizame procedure om de gouverneur van Oost-Vlaanderen op basis van objectieve criteria en selectieproeven te benoemen, is daar een voorbeeld van. Vorige week benoemde men drie gouverneurs in Vlaanderen dus maar weer volgens de klassieke, politieke criteria.

Copernicus

Nochtans kwam er begin jaren 2000 met het project Copernicus een beloftevolle verandering op gang. De ministeries werden FOD’s (Federale Overheidsdiensten), geleid door een directiecomité met een voorzitter. Voor alle voorzitters- en directiefuncties kwamen vergelijkende ‘assessment’-proeven: een postbakoefening, een presentatie te verdedigen voor een jury… De nieuwe procedure kwam er onder impuls van minister Luc Vandenbossche — die achteraf zichzelf wel lucratief beloonde met allerlei bestuursmandaten in de privésector. Het voorzittersmandaat bij de Optima-bank was echter een brug te ver. Bij Copernicus besteedde men veel aandacht aan het vereenvoudigen van de operationele processen (BRP, business processing re-engineering) om tot een efficiëntere overheid te komen.

l gauw bleek dat de politieke benoemingen weer de kop kwamen opsteken

In het begin werd het spel nog enigszins eerlijk gespeeld, maar al gauw bleek dat de politieke benoemingen weer de kop kwamen opsteken. Sommigen kregen oogluikend een positieve assessment. Normaal is het zo dat men de persoon met het beste resultaat benoemt. Maar in werkelijkheid benoemde men één van de ‘geslaagden’ op basis van politieke criteria.

Geen kritische doorlichting

Dit heeft veel negatieve gevolgen. Zo komen bijvoorbeeld nooit de bekwaamste mensen aan het roer. Je krijgt geen managers met persoonlijkheid, aangezien die hun politieke broodheren slaafs moeten volgen. Bij de evaluaties zal men wel steeds positieve criteria aanhalen, maar de realiteit is anders. Zolang alles goed gaat, is er geen probleem, maar op het uur van de waarheid vallen ze door de mand — wanneer er een echte crisissituatie ontstaat. Nochtans zou men meer managers moeten hebben die de bedrijfsprocessen continu onder de loep nemen om zo tot een meer efficiënte werking te komen. Zo was er een administratie die een automatisering van haar bedrijfsprocessen lanceerde zonder deze eerst kritisch door te lichten en drastisch te vereenvoudigen. Het gevolg was dat het project een enorme vertraging opliep, en dus ook meer kostte.

Onaantastbaar

De top is niet alleen politiek benoemd en onaantastbaar (zie boven), er heerst ook een sterk hiërarchische structuur. De wil van het directielid is wet, ook al heeft hij manifest ongelijk. De werknemers kunnen amper tegen hem/haar ingaan, wat een sfeer van angst creëert. Dat gaat in tegen de heersende trend van vlakkere managementstructuren die in de privésector reeds geruime tijd ingang vonden, en waarbij van al de werknemers een creatieve en dynamische inbreng wordt verwacht.

Wie politiek benoemd werd, kan — zolang er geen ernstige ontsporingen in de pers komen — gemakkelijk benoemd blijven tot zijn pensioen. Hij zit zo op een goed betaalde, luxueuze stoel. Dit belemmert echter de mobiliteit, de vorming van nieuwe ideeën, en ook de mogelijkheden voor anderen om promotie te maken. En dan zwijgen we nog ove het feit dat een benoeming ten nadele van hardwerkende, bekwame medewerkers tot frustraties en demotivatie leidt.

Daarbij komt dat in het directiecomité van een FOD vertegenwoordigers van diverse politieke kleur zetelen, die elkaar het licht in de ogen niet altijd gunnen. Dit leidt tot politieke spelletjes en tegenkantingen die steriel werken.

In feite is de leidinggevende ambtenaar bang voor de schaduw van zijn pen

Tot slot is er de overheidscultuur. Iedere tekst moet een ware processie van Echternach doorlopen. Doordat er veel ambtenaren zijn op diverse niveaus, wil iedereen zijn inbreng hebben. Een tekst wordt dan zo vaak gewijzigd dat hij finaal naar niets meer lijkt. En dan moet men opnieuw beginnen. In feite is de leidinggevende ambtenaar bang voor de schaduw van zijn pen. Hij geeft zich dan immers bloot aan kritiek van zijn anderskleurige collega’s of zelfs politici. Men zoekt overal een paraplu.

Nuancering

We moeten uiteraard opmerken dat er ook erg bekwame leidinggevenden zijn bij de overheidsadministratie. Het aandeel politieke benoemingen neemt echter gestaag toe. En ook in de privésector worden promoties toegekend op basis van subjectieve voorkeuren — hoewel veel minder dan bij de overheid. Zo hebben Vlamingen minder carrièremogelijkheden dan Franstaligen in bedrijven waar een Franstalige cultuur heerst.

Ook vele ambtenaren op de lagere echelons zijn van goede wil. Zij worden echter gedwongen mee te draaien in een administratief zware structuur, en zijn onderworpen aan de sterk hiërarchische cultuur. Hun goedbedoelde initiatieven worden soms zwaar afgestraft.

Tot slot moeten we ook erkennen dat België het qua digitalisering en automatisering zo slecht nog niet doet.

Conclusie en oplossing

Het is duidelijk dat een zwaar en inefficiënt overheidsapparaat het land veel kost op economisch vlak. Mogelijke oplossingen zouden kunnen zijn:

voorstellen moeten echter vooral leiden tot een mentaliteitswijziging bij de overheid

Deze en andere voorstellen moeten echter vooral leiden tot een mentaliteitswijziging bij de overheid, en dat is een werk van lange adem.

Paul Becue

Nationaal voorzitter van de Vereeniging Vlaamse Academici

lic. Rechten, TEW en Diplomatieke Wetenschappen.